CHRO Top: over moedige gesprekken en flexibele geesten

Wil je als organisatie verder komen dan kun je moedige, en soms lastige, gesprekken niet uit de weg gaan. Hierbij valt het niet altijd mee om voorbij het eigen gelijk te kijken. ‘Wijsheid is de mogelijkheid om iets op een andere manier te zien.’

Op de lommerrijke grens van Hilversum en Baarn kwamen ruim zestig CHRO’s bijeen in de Vuursche Lodge voor een middag met het thema Courageous Conversations. Na de ontvangst met koffie en brownies heette Stefanie Grimbergen de aanwezigen welkom op de tweede CHRO Top. Zij nodigde de gasten uit tijdens de rondetafelsessies om open, eerlijk en kwetsbaar te zijn. ‘Ik begrijp dat ik heel wat van jullie vraag, maar alleen zo kom je tot moedige gesprekken.’

De groep splitste zich in vier sessies. Onder leiding van Daan Gankema (Investment Director bij Inflexion) en Carin Welters (Bestuurslid bij Baker Tilly) stond de menselijke kant van overnames centraal. Bij transacties ligt de focus vaak op financiële due diligence. Maar hoe werkt dat in organisaties die vooral diensten verlenen, waar mensen de kern van het bedrijf vormen?

Hoe beoordeel je dan op een goede manier de cultuur? Wanneer spreek je van een ‘gezonde’ cultuur en hoe maak je dat meetbaar? Hoewel cultuur een cruciaal onderdeel is van het overnameproces, krijgt het vaak te weinig aandacht. Juist hier ligt een belangrijke rol voor de CHRO. Daan en Carin deelden open en kwetsbaar hun ervaringen en uitdagingen. Samen met de deelnemers onderzochten we waarom cultuurverandering zo moeilijk is en waarom ze tegelijkertijd onmisbaar is voor een succesvolle overname.

Een deur verderop vertelde Ineke Kooistra, voormalig CEO van o.a. Young Capital en Circle8Group, over de samenwerking tussen CEO en CHRO en het belang van moedige gesprekken. Er ontstond een open dialoog over de rol van de CHRO als spiegel voor de CEO: hoe stimuleer je leiderschapsteams tot reflectieve gesprekken, en hoe voer je die gesprekken met de RvC, eigenaars of private equity-partijen?
De groep was het erover eens dat less is more: niet elk gedrag hoeft benoemd te worden, anders verliest een interventie zijn kracht. Tegelijkertijd mag dit niet leiden tot ontwijking. Er is altijd een moedige leider nodig die het voortouw neemt, waarden voortleeft en risico’s niet schuwt – dát onderscheidt een leider van een manager.
Daarnaast werden praktische tips gedeeld over hoe je moedige gesprekken stimuleert en hoe HR verder moet reiken dan instrumentele tools. Want hoewel feedbackinstrumenten helpen, bepaalt de tone at the top uiteindelijk de cultuur. Zet de CEO die toon, ook richting RvC en eigenaars? En ben jij als CHRO de spiegel die dit helpt doortrekken naar het management en de hele organisatie?

Transavia CHRO Mirjam Flens nam de aanwezigen in haar sessie mee in de complexe uitdagingen waar de luchtvaartmaatschappij voor staat. Niet alleen verschuivende politieke krachten en het klimaatvraagstuk spelen een rol, maar ook de diversiteit aan bedrijfsculturen binnen Transavia zelf. Een cockpitcrew heeft bijvoorbeeld een totaal andere dynamiek en manier van werken dan het cabinepersoneel, de technische dienst of de collega’s op kantoor. Voor elke groep is een andere benadering nodig om écht het gesprek aan te gaan. Wat voor de één vanzelfsprekend en effectief is, kan voor de ander juist weerstand oproepen.
Mirjam liet zien hoe juist deze veelkleurigheid aan culturen het voeren van moedige gesprekken extra uitdagend maakt, maar ook essentieel is om samen tot duurzame oplossingen te komen. Tot slot verzorgden psychotherapeut Veronique Streekstra en GZ-psycholoog Tamara Bavius een interactieve workshop. De deelnemers werden uitgedaagd om hun eigen dilemma’s en carrièrevraagstukken letterlijk in kaart te brengen.

Met behulp van een fysieke, metaforische kaart verkenden zij een landschap waarin uitdagingen, verwachtingen en onderliggende thema’s zichtbaar werden gemaakt. Objecten en symbolen hielpen om deze reis tastbaar te maken, waardoor persoonlijke en teamdynamieken op een verrassend heldere manier naar boven kwamen.

Perspectivistische lenigheid
Na inspanning volgt traditioneel ontspanning. Onder het genot van bubbels en hapjes werd er nagepraat over de sessies. De gezelligheid werd onderbroken voor een afsluitende plenaire sessie van filosoof Lammert Kamphuis. Die trapte af met de constatering dat filosofie vaak als een leuke bezigheid voor op vrijdagavonden wordt gezien. “Maar wat heb je er concreet aan?” Die vraag kreeg hij ook geregeld als leraar van leerlingen wier ouders niet begrepen waarom filosofie gedoceerd werd. Daarom heeft Kamphuis een antwoord geformuleerd. ‘Met filosofie ontwikkel je perspectivistische lenigheid.’

Bij perspectivistische lenigheid gaat het erom dat je je bewust wordt van je eigen perspectief en de beperktheid daarvan. Daardoor kan je je verplaatsen in andere perspectieven. We roesten namelijk makkelijk vast in ons eigen perspectief’, zegt de filosoof. De auteur van Verslaafd aan ons eigen gelijk vraagt de zaal om zichzelf op een schaal van 1 tot 5 te plaatsen. Bij 1 is men verslaafd aan zijn eigen gelijk, bij een vijf is iemand perspectivistisch lenig. De aanwezigen blijken zich voornamelijk in het midden te bevinden.Slechts één iemand geeft zichzelf een 1, één iemand geeft zichzelf een vijf en ziet zichzelf als een baken van nuance.

“Wijsheid is de mogelijkheid om iets op een andere manier te zien’, zo citeert hij de Nigeriaanse filosofe Sophie Oluwele.”

Luie geest
Dat we verslaafd zijn aan ons eigen gelijk is volgens Kamphuis wetenschappelijk te verklaren. Er komt namelijk dopamine, een soort geluksstofje, in onze hersenen vrij als we iets lezen of horen waarmee we worden bevestigd in ons eigen gelijk. Aan de hand van Nobelprijswinnaar Daniel Kahneman legt hij uit dat de menselijke geest graag lui is. Ons ‘systeem 1’ kan snel oordelen, maar ziet erg zwart wit. We beschikken ook over een systeem 2 dat helpt bij moedige gesprekken en waarmee we meer grijstinten zien. ‘Filosoferen is een manier om systeem 2 aan te jagen, net als mindfulness of meditatie.

‘Wijsheid is de mogelijkheid om iets op een andere manier te zien’, zo citeert hij de Nigeriaanse filosofe Sophie Oluwele. Dit betekent niet dat je geen principes mag hebben. ‘Lenigheid en standvastigheid gaan prima samen. Als je geen ruggengraat hebt, hoeft deze namelijk ook niet lenig te zijn.

Vervolgens gaat Kamphuis door met een internetklassieker. Een jurk die een deel van de mensen zwart-blauw ziet en een deel in wit-goud. ‘Anders dan bij het bekende konijn-eend voorbeeld kun je hier niet switchen van perspectief. Je kan niet ineens wit-goud zien, als je normaal blauw-zwart ziet.’ Hierbij is perspectivistische lenigheid dus onmogelijk. ‘Wetenschappers hebben uitgevogeld waardoor het komt’, zegt Kamphuis die een wit-gouden jurk ziet. “Mensen die een blauw-zwarte jurk zien hebben extreemrechtse opvattingen.” Het blijkt een grapje. ‘Mensen die blauw-zwart zien hebben gemiddeld genomen meer kunstlicht gezien.’

Vervolgens houdt hij de zaal voor dat we hele tijd verhalen proberen te maken van wat we zien. ‘We zijn narratief-hermeneutische wezens. Zo denkt u misschien dat ik enthousiast ben, zenuwachtig of op dat ene neefje lijkt.’ Dat we de hele tijd de wereld interpreteren legt hij uit aan de hand van een simpel voorbeeld van drie zinnen. Na iedere zin moeten mensen de leeftijd schatten van de hoofdpersoon. Bij de zin ‘Tommie loopt met een liefdesbriefje in zijn hand naar huis’, schat het publiek Tommie in als jong kind. De vervolgzin ‘Hij kijkt ernaar uit om zijn zoon ermee te verblijden’, maakt hem een dertiger. In de slotzin blijkt de liefdesbrief aan een 51-jarige zoon te worden gegeven. Kortom, we interpreteren de wereld de hele tijd. ‘We denken bij Tommie aan een kindernaam, maar schrijver Tommy Wieringa en voetbaltrainer Tommie van der Leegte zijn echt volwassen mannen.’

Camera-perspectief
Kamphuis heeft dan ook twee tips die helpen bij moedige gesprekken. De eerste tip: ‘Wat had een camera vastgelegd?’. Volgens Kamphuis moet je niet tegen een manager zeggen ‘dat hij dominant wordt in sommige vergaderingen’. Maar leg uit dat hij in besprekingen waar hij zijn gelijk wil halen harder gaat praten of heel dichtbij komt staan en dat dit dominant kan overkomen. ‘Hier heeft de manager meer aan, want dat kan hij aanpassen.’ Voordat hij doorgaat naar de tweede tip bespreekt hij eerst enkele vooroordelen waar we last van hebben.Ten eerste de self-serving bias, waarbij we eigen succes internaliseren en redenen voor falen externaliseren. ‘Er was een groot onderzoek waarbij mensen schriftelijk antwoorden gaven op vragen. Een week later krijgen ze de antwoorden gedigitaliseerd terug met de boodschap dat ze de antwoorden mogen aanpassen. De helft van de mensen werd verteld dat het hun eigen antwoorden waren, de andere helft kreeg ook de eigen antwoorden, maar hen werd verteld dat dit de antwoorden van anderen waren. De groep die wist dat ze hun eigen antwoorden kregen, paste gemiddeld 15 procent van de antwoorden aan. Anderen pasten maar liefst 60 procent aan.’ Daarnaast leiden we ook aan confirmation bias waarbij we de neiging hebben om informatie te zoeken of te zien die past bij onze opvattingen. ‘We zien de dingen niet zoals ze zijn, we zien dingen zoals wij zijn’, zo citeert hij schrijver Anaïs Fin.

Staal- versus stroman
Kamphuis’ tweede tip voor het ontwikkelen van perspectivistische lenigheid is zoeken naar de 1 procent waarin de ander gelijk heeft. ‘Welke waarde of belang verdedigt de andere kant beter?’ Kamphuis stelt dat dit ook een slimmere strategie is, wat hij uitlegt aan de hand van de staal- en de stroman. In de VS kun je in de rechtszaal de jury beter overtuigen door de ‘staalman’ te hanteren. ‘Hierbij maak je de argumenten van de ander eerst zo sterk mogelijk, maar leg je vervolgens uit waarom je cliënt het echt niet gedaan heeft. Als stroman ga je er vol tegen in. Je twijfelt bij wijze van spreken of de advocaat van de tegenpartij wel rechten heeft gestudeerd. Dat blijkt minder te werken.’

‘Helaas wint de stroman het in het publieke debat. Het is wat je ziet in de plenaire zaal van Tweede Kamer, terwijl de staalman in de commissiedebatten naar voren komt. Daar is nog weleens begrip voor het standpunt van de ander.’

Kamphuis sluit af met een citaat van Lowell Benion. ‘Het is een teken van een ontwikkelde geest om te kunnen spelen met een gedachte zonder die te accepteren.’ Met deze bouwsteen voor moedige gesprekken konden de aanwezigen richting het walking dinner om daar in ontspannen sfeer de dag af te sluiten.

We kijken nu alweer uit naar de volgende CHRO Top. We verwelkomen iedereen heel graag weer op 23 september 2026 op het Landgoed de Salentein.